visie2f2
home
actie
discussie
Europese detentiecentra
maps migration
Crossing Borders newsletter
Forum
contact

leeg_left
migrants-welcome-service4


razzia Grand Café Bijlmer 2007

 

Campagne Stop Politierazzia's

razzia_bijlmer_groot



Aanklacht tegen politie Amsterdam-Amstelland

bij de Nationale Ombudsman

n.a.v.

grootschalig inval in Grand Café

Het Vervolg op 16 juni 2007

 

Ombudsman veroordeelt politieinval, augustus 2009

klacht in pdf-fromaat (106 kb)

door all included
10 september 2008

In de nacht van 15 op 16 juni 2007 vindt er tijdens een Afrikaans feest een grootschalige politiecontrole plaats in het Grand Cafe Het Vervolg in Amsterdam Zuidoost. Tweehonderd vijftig aanwezigen worden op grond van de Vreemdelingenwet gecontroleerd op het bezit van een verblijfsvergunning, waarna 103 mensen in Vreemdelingenbewaring worden geplaatst. Deze ‘razzia’ heeft tot veel commotie geleid in de Afrikaanse gemeenschap en daarbuiten. Er was veel verwarring over het doel en het resultaat van de actie. En er werd heftig geprotesteerd. Vier ‘slachtoffers’ dienen een jaar later een klacht in bij de Nationale Ombudsman omdat zij niet tevreden zijn met het onderzoek wat de politie heeft gedaan naar haar eigen functioneren. Het betreft klager A., M., N.J., N.O. en B.W.  Tevens zijn bij de klacht twee verklaringen bijgevoegd van U. en U.P.I. die klagen over de wijze van uitzetting. All Included die opkomt voor de rechten van migranten zonder papieren begeleidt deze mensen in hun aanklacht. Tevens dient All Included zelf een klacht in bij de Ombudsman nu het gelukt is een totaalbeeld te geven van alle aspecten die de inval met zich mee heeft gebracht. Het komt niet vaak voor dat een identiteitscontrole op grond van de Vreemdelingenwet zo goed gedocumenteerd in kaart wordt gebracht. Het resultaat is een onthutsend beeld van een onrechtmatig politieoptreden wat wordt rechtgepraat en bevoegdheden die verder worden opgerekt.

Deze ‘overkoepelende aanklacht’ geeft een nauwkeurig beeld van de inval zelf, de verwarring, de commotie en de protesten die erop volgden. Zowel de rechtzaken als het intern politieonderzoek worden kritisch onder de loep genomen. Het geheel wordt afgesloten met de formulering van de belangrijkste klachtpunten voor de nationale Ombudsman en de belangrijkste conclusies over het politiek klimaat die heerst omtrent de toepassing van het vreemdelingenrecht.

De Nacht van 15 op 16 juni 2007

Grand Café Het Vervolg is onderdeel van de Arena Boulevard, een gebied voor winkelen en uitgaan,  in Amsterdam Zuidoost. De eigenaar is een Nederlander en de bediening is multicultureel. Overdag wordt het gefrequenteerd door de voornamelijk witte mensen die werken in de vele kantoren die zich in deze buurt bevinden.  Op de website van Arena Boulevard staat te lezen: “Gelegen aan het water ligt Grand café Het Vervolg/ Restaurant Onivo. Op deze plek bevindt zich een toplocatie voor een zakelijke lunch, een heerlijk diner of een gezellige borrel”.

’s Avonds is Het Vervolg een uitgaansgelegenheid voor de hoofdzakelijk zwarte bewoners van de woonwijken van de Bijlmer. Bij de bar hangt een straatbord: 'Anton de Komplein, Bullenwijk, Surinaamse vrijheidsstrijder 1898-1945'. In het weekend vinden er 's avonds vaak Afrikaanse avonden en concerten plaats. Het Vervolg kreeg een vergunning voor ruimere openingstijden in het weekend toen er in de Bijlmer steeds meer illegale horecagelegenheden  kwamen. Deze werden gesloten na diverse invallen van de vreemdelingendienst en de Horeca Interventie Team. Het Vervolg is nu één van de weinige plekken waar je als bewoner van de Bijlmer uit kan gaan, één van de weinige gelegenheden om wat te drinken en om te dansen dicht bij huis. De Kameroense gemeenschap heeft er een feest georganiseerd, de Oegandese gemeenschap een missverkiezing. De Afrikaanse gemeenschap is welkom; dat is de boodschap van het Grand Café.

Vrijdag 15 juni 2007 vindt er een Afrikaans concert plaats met 'The best comedians from Nigeria, Ukwa-Osuofia & Maleke, in Amsterdam'.

Nkem Uwoh aka Ukwa - artiestennaam Osuofia – is één van Nollywood populaire acteurs, tevens muzikant en komiek. Nollywood is de (officieuze) naam voor de filmindustrie in Nigeria. Na Hollywood (Verenigde Staten) en Bollywood (India) heeft Nigeria de grootste filmindustrie ter wereld, met een jaarlijkse productie van 1000 tot 2000 films. Osuofia, die in populariteit te vergelijken is met Marco Borsato, heeft bekendheid gekregen met het satirisch lied I Go Chop Your Dollar. Deze title track van de komedie, The Master, met Osuofia als konkelende internetfraudeur, werd een grote hit. Internetfraude behelst het versturen van een grote hoeveelheid spam-e-mails aan internetgebruikers, waarin misleidende, maar financieel zeer aantrekkelijke aanbiedingen worden gedaan. De misleiding varieert van de melding dat men een prijs heeft gewonnen tot advocaten die een erfenis aanbieden van een overleden, ver familielid. In de film The Master worden Europeanen en Amerikanen die in de val lopen van de hoofdzakelijke Nigeriaanse fraudeurs belachelijk gemaakt. Na druk uit het buitenland werd de hit door de Nigeriaanse overheid verboden. Ukwa-Osuofia zelf is geen voorstander van internetfraude. Het lied met tekst is te horen/lezen op YouTube onder ‘ 419_Song (with lyrics)’.

De andere artiest van de avond is  stand-up comedian Maleke, de artiestennaam van Maleke Moye. Ook Maleke is een beroemdheid in Nigeria. Zowel Osuofia als Maleke zijn in Afrikaanse landen bekende artiesten en zij gaan regelmatig op tournee in verschillende landen. Osuofia had al eerder twee optredens gegeven in Europa, één met meer dan 600 bezoekers. Het voorprogramma van de avond in Het Vervolg wordt verzorgd door de Sierra Leoonse zangeres Morisadatu. Gedrieën gaan zij op een Europese tour,  met shows in diverse  grote steden, om te beginnen in Amsterdam. Voor het feest van 15 juni komt er niet alleen publiek uit Nederland maar ook uit België en Duitsland.

Rond middernacht zijn er zo’n 250 mensen aanwezig in het Vervolg, waaronder Nigerianen, Ghanezen, Nederlanders, Senegalezen, Filippijnen. Het feest begint aardig op gang te komen, de shows zijn begonnen, de stemming is goed. Rond één uur ’s nachts komen plotseling tientallen agenten het café binnen, buiten omsingelen cellenbussen, arrestantebusjes, politiewagens en politie te paard het gebouw. De deuren gaan op slot. De straten rondom Het Vervolg worden afgezet. Blaffende herdershonden springen tegen de ruiten op, twee ambulances, een groep ME’ers uit de binnenstad en rechercheurs van het Bureau Zware Criminaliteit voegen zich bij de omsingeling.
Binnen moet de muziek uit. Maleke, die bij het podium staat en net het publiek aan het lachen had gebracht, vraagt in de microfoon wat er gaande is. Een veertigtal agenten mengt zich in het publiek. Van de bovenverdieping worden mensen gehaald, iedereen moet in de ruimte voor de bar staan, in het zicht van de politie. Niemand snapt wat er aan de hand is. Binnen gaan de grote lichten aan, buiten worden lampet neergezet. In totaal nemen tachtig agenten van politie Amsterdam-Amstelland deel aan de actie, te weten Bureau Vreemdelingenpolitie, Bureau Financieel Economische Recherche, Dienst Executieve Ondersteuning. De inval draagt codenaam Phantom. Lokaal Amsterdamse televisiezender AT5 is aanwezig daar het van tevoren over de op handen zijnde inval was ingelicht.

Pas na twintig minuten richt de politie zich tot het publiek met meer informatie en worden  flyertjes uitgedeeld met 'uitleg' over de inval. Een agent neemt plaats op het podium en kondigt middels  de aanwezige geluidsinstallatie aan dat iedereen ter plekke moet blijven om zijn identiteitsbewijs te tonen en zich rustig moet houden. “Hier spreekt de politie. Dit is een controle op grond van de Vreemdelingenwet. Iedereen met de Nederlandse nationaliteit dient zich kenbaar te maken bij de politie door zijn of haar hand op te steken. Iedere vreemdeling wordt staande gehouden op grond van artikel 50, lid 1 van de Vreemdelingenwet 2000. U dient te blijven op de plaats waar u zich nu bevindt. Als u in het bezit bent van een paspoort/identiteitsbewijs of vreemdelingendocument, moet u dit gereed houden voor controle.”

De feestgangers dienen zich vervolgens te scheiden, te weten: Nederlandse mensen, buitenlandse mensen met identiteitsbewijs en buitenlandse mensen zonder identiteitsbewijs. Bij de ingang zijn twee grote tafels waaronder een biljarttafel aan de kant geschoven en zijn twee controlepunten opgezet met apparatuur om identiteitsdocumenten te kunnen controleren. De aanwezige bedrijfsleider wordt hiervoor geen toestemming gevraagd, evenmin krijgen zij een document getoond aangaande de binnentreding.

Achter het podium, dat op het terras is gebouwd, is een plons te horen. Twee feestgangers zwemmen onopgemerkt hun vrijheid tegemoet. Het café zit samen met een aantal kantoorgebouwen aan een meertje. Een derde wordt door de politie uit het water gehaald.

De actie wordt uitgevoerd omdat er vermoedens zijn dat het café een verzamelplaats is voor criminele illegale vreemdelingen, zo staat in Engels en Nederlands te lezen op de rondgedeelde folder. Meer over inhoud folder, citeren. De aanwezigen zijn verbijsterd en teleurgesteld dat een dergelijke actie op een feest in een publieke ruimte plaats vindt. Voor velen is Het Vervolg een tweede huiskamer.

De controle begint. De aanwezigen met een Nederlands identiteitsbewijs wordt opgedragen zich als eersten te melden bij één van de controlepunten. Sommige echtparen worden gescheiden omdat de ene Nederlands is en de ander niet. Degene met buitenlandse identiteitspapieren aan de ene kant van de zaal, de ander aan de andere kant.

Alexandra Janssen, een blonde vrouw met de Nederlandse nationaliteit, heeft haar papieren niet meegenomen, ze ging immers naar een feest. Zij wacht daarom geduldig om te kijken wat er met haar gaat gebeuren. Na een tijdje wordt zij eruit gepikt en naar het controlepunt geroepen. Zij zegt dat zij haar papieren thuis heeft laten liggen. “Maakt niet uit, u kunt gaan”, wordt haar gezegd. Daarop wordt zij boos, ze ziet hoe andere mensen met een andere huidskleur uitgebreid gecontroleerd worden. Ze zegt dat de agenten racistisch bezig zijn: “Het lijkt wel een razzia”. Daarop is het antwoord: “Mevrouw, wees blij dat u mag gaan. En nu moven”. Alexandra moet dan wel vertrekken, noch haar naam noch andere gegevens worden genoteerd of gecontroleerd. Ook een andere witte vrouw en een aantal Surinaamse vrouwen zijn vrij snel buiten,  zonder dat zij papieren op zak hebben.

Alexandra Janssen schrijft een paar dagen na de inval het volgende bericht op de digitale nieuwssite AmsterdamCentraal.nl:

'Op het moment van deze inval was ik zelf aanwezig in het Grandcafe. Men kwam binnen met een zeer groots machtsvertoon waar je als normaal mens behoorlijk van schrikt. Uiteraard heb je niets te vrezen als je de juiste papieren/documenten bezit. Een iedere illegaal in dit land weet dat je opgepakt/uitgezet kunt worden wanneer er bij politiecontrole blijkt dat je illegaal in Nederland verblijft. Het is alleen jammer dat de politie er niet bij stilstaat wat voor impact zo'n inval met veel machtsvertoon bij de onschuldige klanten op dat moment heeft gehad. Daarbij is de eigenaar/ zijn organisatoren van deze uitgaansgelegenheid behoorlijk gedupeerd voor de komende maanden wat klandizie betreft, daar dit niet de "reclame" is in de media waar zij op zitten te wachten.

Uiteindelijk wordt er nu niet meer gesproken over het feit of de politie ook daadwerkelijk de op het oog hebbende criminelen hebben opgepakt. Men spreekt alleen nog maar over illegalen. Niet alle illegalen zouden bij voorbaat al bestempeld moeten alszijnde criminelen of overlastveroorzakers. Ieder mens heeft recht op een menswaardige/rechtvaardige behandeling, zolang zij een ander niet tot last zijn. Het politieoptreden tijdens deze avond kon daar echt niet van getuigen naar mijn ervaring gesproken. Politie had puur alleen oog voor de "zwarte" personen, terwijl de flyer die zij op moment van inval uitdeelden opriep tot controle van een iedere aanwezige op dat moment zonder uitzondering. Document aanwezig of niet de "blanken" mochten binnen de kortste tijd gewoon naar buiten lopen zonder enige controle. Waarschijnlijk dacht de politie aan ons gezicht wel af te lezen dat wij geen criminelen konden/zouden zijn.

Kan zeggen dat ik door de ervaringen op deze avond mijzelf schaamde voor de nederlandse politie/justitie. Heb nog nooit eerder een duidelijker beeld van discriminatie gezien als op deze avond. Illegaal of niet illegaal, een mens is een mens voor mij ongeacht waar men vandaan komt of wat zijn achtergrond is. Laten we wel onthouden dat niemand voor de lol zijn land en familie achterlaat om elders zijn "geluk" te zoeken. Uiteraard ben ik wel van mening dat men niet ten koste van anderen op een oneerlijke manier zijn geld gaat verdienen, dan moet je ook maar de gevolgen aanvaarden. Maar we moeten als burgers wel oppassen niet iedere buitenlander bij voorbaat al over 1 kam te scheren. Je weet nooit wat jezelf morgen kan overkomen en dan wil je toch ook de kans krijgen om te overleven.'

De controles nemen veel tijd in beslag. Onderhand worden aanwezigen met een niet-Nederlands identiteitsbewijs en verblijfstitel toegelaten tot de controlepunten. Het geheel speelt zich in een chaotische sfeer af. Naarmate de tijd verstrijkt wordt de sfeer heftiger en de emoties lopen op. De Sierra Leoonse zangeres Morisadatu die het voorprogramma verzorgde: “We zaten als sardientjes in een blik en moesten uren blijven staan, niemand mocht zelfs naar de wc”. Er is een vrouw die in haar broek plast en in een hoek van de ruimte wordt op de grond geplast. De bedrijfsleider smeekt de agenten om mensen naar de wc toe te laten. Uiteindelijk wordt dit toegestaan. Mensen die moeten plassen, worden begeleid door een agent naar de wc.'s gebracht. Sommige mensen wachten twee uur voor zij aan de beurt zijn. Het is bovendien erg warm in de ruimte, maar er mag geen raam of deur open. Sommige mensen huilen, anderen raken in paniek. Drie mensen, twee vrouwen waarvan een zwanger en een man, worden onwel. Eén persoon wordt door de GGD ter plaatse hulp verleend - een man staat bij deze persoon te huilen - en wordt daarna naar het ziekenhuis overgebracht.
Veel mensen zijn druk aan het bellen naar buiten. Familie en vrienden worden midden in de nacht wakker gebeld met het nieuws van de inval en de vraag of zij papieren willen brengen die de legale status aantonen. Langzamerhand begint het daarom ook buiten drukker te worden. Mensen komen gealarmeerd kijken wat er aan de hand is. Sommigen willen identiteitsbewijzen geven aan de mensen binnen maar de agenten die buiten staan willen ze niet aannemen. De bedrijfsleider is bij de controletafels aanwezig. Hij mag geen contact onderhouden met de rest van het personeel. Buiten hoort hij veel mensen schreeuwen. Ze blijken naar de politie binnen te zwaaien met identiteitspapieren van bezoekers. Pas na lang aandringen van de bedrijfsleider worden deze papieren aangenomen. Degenen die de politie binnen heeft laten gaan, staan buiten geschokt na te praten. In de drukte en chaos wordt een ambulancebroeder van de GGD door een politiehond gebeten en moet behandeld worden.

Artiest Maleke staat bij het podium wanneer de politie binnenvalt. Als de agenten naar hem toe komen vertelt hij hen dat hij een optredende artiest is van de avond. Hij vraagt hen waarom de politie binnenvalt. Hij krijgt geen antwoord. Hij wordt naar een agent gebracht waar híj een aantal vragen moet beantwoorden.

Ondanks het feit dat hij een paspoort heeft met een Schengenvisum wordt hij aangehouden. Hij wordt gedwongen  zijn riem en schoenveters af te doen en deze in een plastic zak te deponeren waarop het cijfer 22 staat geschreven. Vervolgens wordt hem opgedragen deze zak met nummer voor zijn borst onder zijn kin vast te houden voor het nemen van een foto ten overstaan van andere aanwezigen. Dit overkomt iedereen die aangehouden is wat als zeer vernederend wordt ervaren. Maleke weigert het nummer vast te houden: “Waarom willen jullie deze foto nemen? Waarom ben ik aangehouden? Ik ben hier om op te treden. Ik ben geen crimineel, dus ik hoef ook niet als een boef op de foto.”

Zes agenten werken Maleke vervolgens met grof geweld tegen de grond, ondanks het feit dat hij geen brede sterke man is. Nog twee andere agenten staan erbij.  Zangeres Morisadatu die in de buurt staat, wil het gewelddadig optreden filmen met haar telefoon, maar een agente houdt haar tegen en zegt dat er niet gefilmd mag worden. Maleke schreeuwt dat hij geen crimineel is. Hij wordt zo hard boven op zijn nek en romp gedrukt dat hij het gevoel heeft dat zijn ogen uitvallen. Hij moet diep naar adem snakken. Hij loopt hierbij een aantal kneuzingen op.

Maleke wordt in de boeien geslagen, zijn paspoort wordt afgenomen en hij wordt naar één van de meer dan 12 arrestantebussen gebracht. Hij wordt in een zeer krappe eenpersoonscel geplaatst van een grote cellenbus. Daar moet hij, net als vele anderen, naar eigen zeggen vier of vijf uur wachten onder zeer oncomfortabele omstandigheden voordat de bus hen naar het Uitzetcentrum Schiphol brengt.

Uren gaan voorbij. De feestgangers in het Grand Café worden ongeduldig en boos, de politie is mensen in de rij aan het duwen. Er wordt geschreeuwd. Tenslotte blijven degenen over die de papieren thuis hebben gelaten en degenen die geen geldige verblijfstitel hebben. Per vijf à zes worden zij gevraagd naar voren te komen. Ze worden gefouilleerd, al hun bezittingen worden hen afgenomen inclusief veters en riemen. Ook zij moeten allen met nummer op de foto ten overstaan van anderen. Ook worden ter plekke vingerafdrukken afgenomen en handboeien omgedaan. Sommige geboeide mensen worden hardhandig de bussen in gesleurd. Twee agenten die de papieren controleren krijgen onderling onenigheid over de foto op een identiteitsbewijs. Lijkt de persoon nou wel of niet op degene op de foto? Voor de zekerheid wordt hij toch aangehouden.

Zij gaan allemaal mee naar Uitzetcentrum Schiphol voor verder onderzoek. Voor degenen die niet beschikken over een verblijfstitel zal dit voorlopig het laatste feest zijn wat ze meemaken, maanden in detentie en gedwongen uitzetting liggen in het verschiet. 

Als iedereen opgepakt en weggevoerd is, wordt het hele café met zaklampen en honden doorzocht. Er worden geen wapens of drugs gevonden. Ook voor dit doorzoeken is geen toestemming gevraagd aan eigenaar/manager en is geen bevel of toestemming op schrift getoond. Als de actie afgelopen is, is het acht uur in de ochtend.

Visat Lagu is een Nigeriaanse bezoeker die samen met zijn vriendin naar het feest is gekomen. Direct na de inval gooit een agent het eten en de drankjes weg die hij met zijn vriendin aan het nuttigen is. Hierop reageert Visat met: “Waarom wordt een gezellig feestje verstoord en worden onschuldige mensen als criminelen behandeld?”. Ondanks het feit dat hij asielpapieren bij zich heeft waaruit blijkt dat hij een kandidaat voor het Generaal Pardon is, word hij aangehouden, met nummer op de foto gezet, vingerafdrukken afgenomen en handboeien omgedaan. Hij heeft geen verzet geboden. Het is de eerste keer in zijn leven dat hij in de cel zit. In de cellenbus zit hij in een zeer krappe cel van twee uur 's nachts tot zeven uur 's morgens. Aangekomen op Uitzetcentrum Schiphol wordt hij met anderen geplaatst op de afdeling voor bolletjesslikkers. Na tien lange en moeilijke dagen wordt hij vrijgelaten en ontvangt een schadevergoeding.

Er blijken meer uitgeprocedeerde asielzoekers aangehouden te worden die vanwege hun procedure voor het Generaal Pardon nooit opgepakt hadden mogen worden. Zoals Peter, een andere bezoeker van deze avond. Ook hij  heeft tien dagen gezeten en ontvangt later een schadevergoeding. Hij heeft velen op Schiphol huilend gezien. Velen zijn hardhandig aangepakt. Hij is erg boos over wat er gebeurd is: “De boodschap aan de Afrikaanse gemeenschap is: you are nobody, jullie hebben geen rechten”.

Ook B. W., een Afrikaanse uitgeprocedeerde asielzoekster die onder het Generaal Pardon valt, wordt in Het Vervolg aangehouden. Dinsdag 26 juni, elf dagen na de inval, wordt zij aan het eind van de middag vrijgelaten. Zij woont in het Jeannette Noël Huis, een opvanghuis in de Bijlmer, geïnspireerd door de Catholic Worker beweging. Een huisgenoot schrijft na haar vrijlating het volgende in het Protestantse blad Horizon:

'Het is voor iedereen onbegrijpelijk dat zij zo lang gevangen gehouden is. Nog op de nacht van de aanhouding heeft een huisgenoot een officieel persoonsdocument van haar naar de plek gebracht waar iedereen aangehouden is en aan een politieman afgegeven. Op dat document staat haar IND-nummer. Eén telefoontje naar de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) was voldoende geweest om te constateren dat ze onder het Generaal Pardon valt. Volgens de eigen richtlijnen van de IND zou ze dan acuut vrijgelaten moeten worden. De vrouw is onder psychiatrische behandeling en kan niet zonder zware medicijnen. Haar kuur mag niet onderbroken worden. Hoewel een huisgenoot haar medicijnen zaterdagmorgen naar het Detentiecentrum Schiphol-Oost gebracht heeft, kreeg ze die niet, omdat er eerst een dokter naar moest kijken en die was er niet. Pas maandag heeft ze andere medicijnen gekregen. (Heel misschien waren dit dezelfde medicijnen met een andere naam; ze zagen er wel anders uit.) Wij waren onthutst dat de vreemdelingenpolitie en de IND zo’n ingrijpende actie op touw zetten, maar vervolgens geen arts achter de hand hebben.'

Artiest Maleke wordt na zijn arrestatie met de cellenbus naar het Uitzetcentrum Schiphol gebracht waar zijn vingerafdrukken worden genomen. Ook hier moet hij met het nummer 22 op de foto, wat hij opnieuw weigert. Hij wordt vervolgens voor de foto met z’n armen achter de rug vastgehouden door agenten. Maleke is in shock over het feit dat hij en zijn Afrikaanse broeders worden behandeld alsof zij van geen waarde zijn. Hij is getuige dat een man de politie vertelt dat hij zijn papieren thuis heeft. De politie weigert hem iemand te bellen om deze documenten te komen langsbrengen. Waarom doen jullie dit, vraagt Maleke. “Wrong place, wrong time”, zegt de agent.

De volgende dag krijgt Maleke een beschikking waarin hem wordt gevraagd het land voor een bepaalde datum te verlaten. Waarom dit van hem geëist wordt, wordt hem niet uitgelegd. Hem wordt slechts verteld dat hij het document aan de grensbewaarder moet overhandigen bij het verlaten van het land. Op zondag 17 juni om 13 uur wordt hij op straat gezet, 36 uur na de inval. Maleke vraagt de bewaker die hem vrijlaat hoe hij terug kan gaan naar Amsterdam. Hij krijgt geen antwoord en wordt de deur uitgezet.

Maleke heeft het erg koud daar hij slechts het T-shirt aan heeft wat hij droeg toen hij in Het Vervolg werd aangehouden. Hij heeft geen idee waar hij is, het Uitzetcentrum op Schiphol Oost blijkt in een stuk niemandsland te liggen. Nergens staan richtingaanwijzingen. Nergens zijn mensen om de weg te vragen. Hij heeft noch geld noch een strippenkaart. Hij kan wel zijn manager bellen maar kan hem niet uitleggen waar hij opgehaald kan worden. Hij stopt een politiewagen die langs komt rijden en vraagt hoe hij terug kan komen naar Amsterdam. Hij wordt genegeerd en de wagen rijdt weg. Een tweede politieauto is wel behulpzaam, de agente legt de manager aan de telefoon uit waar Maleke is en twee uur na zijn vrijlating wordt hij opgehaald en rijdt hij naar Amsterdam. Maleke dient een klacht in bij de ambassade van Nigeria.

Van de in totaal 250 aanwezigen in het Grand Café Het Vervolg zijn 103 mensen opgehouden in het kader van de vreemdelingenwet. Hiervan zijn 26 mensen na verhoor en ophouding binnen een dag vrijgelaten, 67 mensen in vreemdelingenbewaring gesteld en 10 mensen met valse documenten aangehouden volgens het wetboek van Strafrecht. Niemand wordt gedagvaard voor internetfraude of andere criminele feiten. Van de 250 mensen worden drie mensen verdacht van internetfraude. Zij worden tenslotte niet vervolgd of berecht maar in vreemdelingenbewaring gesteld.

Op 26 juli 2007 wordt een groep van 35 Nigerianen per charter vanaf Rotterdam Airport naar Nigeria uitgezet. Midden in de nacht worden zij in het Uitzetcentrum Rotterdam Airport uit hun bed gelicht en zonder bagage en in slaapkledij het vliegtuig ingezet. Ieder die zich verzet - al is dat slechts verbaal - wordt geslagen, aldus ooggetuigen. Velen worden gehandboeid. Een vrouw die ook uitgezet wordt wordt op het laatste moment vanuit Nigeria teruggevlogen naar Nederland. Haar man hoorde toevallig per telefoon van een medegedetineerde dat zij naar Nigeria werd uitgezet. Hij waarschuwt haar advocaat. De IND geeft toe dat er een vergissing is begaan. Zij wordt vanuit Nigeria onmiddellijk teruggevlogen naar Nederland omdat zij asielzoeker is die in Frankrijk een asielprocedure heeft lopen.

Na de inval zijn mensen in de Bijlmer bang om op feesten te gaan, ook privéfeesten. De dag na inval trekt het optreden van Maleke - een populair artiest die volle zalen trekt - in Tilburg slechts een tiental mensen. Een optreden in België wordt vanwege verwachte gering opkomst afgelast. En een optreden in Spanje trekt een handjevol mensen. De inval leidt niet alleen tot onrust in de lokale gemeenschap maar heeft ook internationaal een impact.

Wat was het doel van de actie? Criminelen of illegalen?

Er heerst tijdens en na de politie-inval onmiddellijk grote verwarring over het doel van het politieoptreden. Ging het om het aanhouden van internetfraudeurs of van 'illegale criminelen cq overlastveroorzakers'? Of was het doel om een grote groep mensen zonder papieren in één keer aan te houden? Speelt het prestatiecontract van de politie - het vervullen van de verplichting tot aanhouden van 2000 illegalen per jaar in Amsterdam – een rol en is er sprake van een illegalenjacht? Is er een crimineel netwerk opgerold of moeten de nieuwe cellen vreemdelingenbewaring vol? Er was tevens grote verwarring over het resultaat van de actie. Zijn er criminelen aangehouden en worden ze berecht voor hun daden? Was de inval dan een effectief middel? Er wordt gespeculeerd over een hoofd- en een bijvangst, maar wie was uiteindelijk hoofd- en wie bijvangst?

In de tweetalige flyer die door de politie op het feest wordt uitgedeeld blijkt de Engelstalige tekst iets anders te vermelden dan de Nederlandstalige. De Nederlandstalige tekst zegt dat het feit dat personen die illegaal in Nederland verblijven en zich met criminaliteit bezighouden reden is tot controle van identiteitspapieren. De Engelstalige versie vermeldt het feit dat personen die illegaal in Nederland verblijven níet als reden tot controle van papieren, deze versie rept alleen over criminelen. Deze flyers leiden tijdens de inval bij de aanwezigen tot allerlei discussie.

Het persbericht van de politie de dag na de inval vermeldt: 'De controle, waaraan 80 politiemensen deelnamen, vond plaats tijdens een feest waarbij veel illegale (criminelen) of overlastveroorzakers verwacht werden.' De 'illegale (criminelen)' is eveneens erg verwarrend omdat begrepen kan worden dat illegalen  als crimineel gezien moeten worden. Moest er '(illegale) criminelen' staan?
De Amsterdamse televisiezender AT5 die op speciale uitnodiging van de politie bij de inval aanwezig was zegt het in hun uitzending van 16  juni 2007 zo: “De West-Afrikanen die vrijdagnacht zijn aangehouden zouden zich volgens de politie op grote schaal schuldig maken aan internetfraude” (zie http://www.at5.nl/nieuwsartikel.asp?newsid=27425) en  op 17 juni 2007: “De meeste arrestanten verbleven illegaal in Nederland en maakten zich volgens de politie schuldig aan internetfraude” (zie http://www.at5.nl/nieuwsartikel.asp?newsid=27424). Hier stelt de politie dat het om internetfraude gaat: “op grote schaal”, “de meeste arrestanten”. Het Parool van 18 juni stelt: 'Hoeveel van de arrestanten zich hebben schuldig gemaakt aan internetfraude – de reden voor de inval - kon een politiewoordvoerder vanochtend niet zeggen.' De Volkskrant van 19 juni 2007: 'De grootscheepse actie volgde op een onderzoek van de politie waaruit bleek dat zich vele illegale internetfraudeurs in het café Het Vervolg zouden bevinden.' De politie stelt in de media de internetfraudeurs als hoofdvangst voor. In het Parool van 21 juni 2007 kiest de politie echter een andere inslag: 'De inval was er één in 'een constante reeks' acties op grond van de vreemdelingenwet. En niet één die specifiek was gericht tegen internetfraudeurs. “Want dan zou het resultaat met twee aangehouden internetfraudeurs wel erg mager zijn,” aldus een woordvoerder van de politie.' In Het Parool van 31 juli 2007 vervalt men echter weer in de internetfraude: 'Volgens politiecommissaris Hans Schönfeld was gebruikmaking van de Vreemdelingenwet de enige manier waarop een bende illegale Nigeriaanse internetcriminelen kon worden opgerold.'
Er wordt dus een waar rookgordijn opgetrokken over het doel van de actie.


Prestatiecontract

Bij de vraag of er sprake is van enerzijds illegalenjacht of anderzijds criminaliteitsbestrijding is het relevant te weten wat het prestatiecontract van de politie aangaande mensen zonder papieren inhoudt.

In het Landelijke Kader Nederlandse Politie 2007 is de intensivering van het vreemdelingentoezicht als een ‘resultaatsafspraak’ opgenomen in de prestatiebekostiging van de politie. Dit betekent dat korpsen een extra vergoeding ontvangen wanneer zij jaarlijks minstens 12.000 mensen zonder verblijfsvergunning oppakken en in vreemdelingenbewaring plaatsen. Hiertoe dienen 40.000 staandehoudingen op grond van artikel 50 van de Vreemdelingenwet te geschieden. 

Voorzitter Bakker van de Raad van Hoofdcommissarissen noemde de extraatjes voor de politiekorpsen "een soort stimulans". Ze moeten ervoor zorgen dat de politie actiever wordt bij het controleren van mensen die illegaal in ons land zouden kunnen zijn. Volgens de politie hebben prestatiecontracten een positieve aanjagende rol gespeeld bij de professionalisering van de politie.

De prestatieafspraken zijn ondertekend door de voorzitter van het Korpsbeheerdersberaad Cohen (namens korpsbeheerders van de 25 regionale politiekorpsen en het Korps Landelijke Politiediensten, KLPD), de Minister van Binnenlandse Zaken en de Minister van Justitie.

Amsterdam zou het quotum van 2000 per jaar moeten halen. Wij gaan niet meedoen aan het verstrekken van premies voor het arresteren van illegale vreemdelingen, stelde Groenlinks gemeenteraadslid Judith Sargentini in 2006 en zij kreeg een motie waarin de burgemeester wordt gevraagd om te zorgen dat de premie geschrapt wordt, aangenomen.  Zij noemde de illegalenpremie ‘inhumaan’. In de commissievergadering Algemene Zaken van 12 oktober 2006 heeft burgemeester Cohen gezegd: “Er is geen sprake van een jacht op illegalen. Dat is in Amsterdam nooit gedaan en dat zal de Amsterdamse Politie nooit doen.” Burgemeester Cohen noemde nog een andere nuance: de politie gaat jacht maken op criminele illegalen en als er dan (als "bijvangst") ook nog een paar niet-criminele illegalen tussen zitten is dat hooguit meegenomen.

Na de inval: commotie in politiek en media


De Amsterdamse gemeenteraad is in rep en roer. D66-gemeenteraadslid Ivar Manuel noemt tijdens een interview op AT5 van 17 juni 2007 de inval in Zuidoost ‘illegalenjacht’. Verder zegt hij: "Het lijkt op een politierazzia. Hoe weet je nu dat het fraudeurs zijn?". Ook coalitiepartij Groenlinks is erg geschrokken van de actie en vindt het onjuist dat het vreemdelingenrecht wordt gebruikt om criminelen op te sporen: "We hebben afgesproken dat we in Amsterdam niet zouden gaan jagen op illegalen. Als je internetfraudeurs wil pakken, moet je specifieker te werk gaan en ze voor de rechter brengen". Zelfs VVD-leider Eric van der Burg vindt het onacceptabel dat 'Het Vervolg' is ingevallen met de intentie van het aanhouden van mensen zonder papieren. “Het werkt tegen het beleid van de gemeente Amsterdam ‘hoe je daar ook over denkt’”.

De media berichten uitgebreid over de inval. Het Parool kopt 'Inval leidt tot oppakken zeventig illegalen en tot veel kritiek', en verderop in de krant “'Razzia' West-Afrikanen” (Parool, 18 juni 2007).  Een dag later schrijft de Volkskrant 'Politie van Amsterdam jaagt toch op illegalen' (Volkskrant, 19 juni 2007). Het NRC besluit een uitgebreide rapportage aan de inval te wijden, hun onderzoek wordt met veel beeldmateriaal geplaatst in de zaterdagbijlage (NRC, 4 augustus 2007).

In de Tweede Kamer is er eveneens ophef: GroenLinks stelt schriftelijk vragen aan de minister van Justitie Hirsch-Ballin over de inval.

Naar aanleiding van de inval is er een spoeddebat in de Amsterdamse gemeenteraad op 21 juni 2007. Groen Links roept de uitspraken van burgemeester Cohen – “Er is geen sprake van een jacht op illegalen” - van het jaar daarvoor in herinnering en vraagt zich af waarom er nu dan toch wordt gejaagd op illegalen. In de vergadering blijkt dat het bestuur niet vooraf op de hoogte was van de inval. De IND, de politie, de officier van justitie voor fraude en de officier van justitie voor vreemdelingenzaken waren - naast AT5 - als enige geïnformeerd over de geplande 'controle'. Omdat bij de actie gebruik is gemaakt van de Vreemdelingenwet zou burgemeester Cohen strikt gezien niet van tevoren op de hoogte gebracht te hoeven worden. De politie vond het kennelijk niet nodig Cohen hierover te informeren.

Het lukt Cohen die dag niet om de gemeenteraad tevreden te stellen met zijn antwoorden. Hijzelf  twijfelt ook of het gebruik van de vreemdelingenwet gerechtvaardigd was: “De vraag is of de Vreemdelingenwet de juiste wet is waarop deze actie wordt gevoerd” (Volkskrant, 22 juni 2007). Hij belooft verder te informeren bij de driehoek (burgemeester, hoofdofficier van Justitie en korpschef) om uitleg te krijgen over de actie. Hieruit komt uiteindelijk de 'Rapportage politiecontrole Zuidoost 15 juni' voort welke in een volgend hoofdstuk uitgebreid besproken wordt.

Bij de bespreking van de inval in de gemeenteraad vindt er een overtuigend protest plaats. Een groep West-Afrikanen heeft zich in de zaal opgesteld met grote protestborden. Alle demonstranten hebben banden over hun hoofd met de tekst 'ENOUGH IS ENOUGH'. Er wordt een heel sterk beeld geschetst: wij accepteren niet op deze manier behandeld te worden, wij zijn geen tweederangsburgers.

De volgende dag, 22 juni 2007, is er een demonstratie naar het stadsdeelkantoor Amsterdam Zuidoost. Na de mars demonstreert een grote groep mensen in het stadsdeelkantoor. PvdA-stadsdeelvoorzitter Elvira Sweet neemt een petitie tegen de politie-inval in ontvangst. Op AT5 van 22 juni 2007 spreekt zij als volgt: “(ik ben) verbaasd over de gewelddadige actie van de inval van afgelopen vrijdag. Om die reden heb ik burgemeester gevraagd om onderzoek te doen naar de reden waarom het op deze manier moest. (….) Ik vind dat in heel Amsterdam heel veel uitgaansgelegenheden zijn die niet echt toegankelijk zijn voor ‘black people’. En ik weet ook dat we hier in Zuidoost een uitgaansgelegenheid hebben waar mensen van heinde en verre komen om hier gezellig uit te gaan. Gezelligheid, daar hebben we ook recht op. Ik zal me met alles wat in me is verzetten tegen deze wijze van opjagen van illegalen. Mijn eerste reactie toen ik de beelden op televisie zag was: dat wist ik niet. Als ik het had geweten had ik alles in het werk gezet om het te voorkomen. (….) Het bevreemdt mij zeer dat de burgemeester niet op de hoogte was van de actie. Ik vind het belangrijk als dergelijke acties plaatsvinden dat daarbij de Amsterdamse regels in acht worden gehouden. En de Amsterdamse regels houden in dat er in deze gemeente geen jacht zou worden gemaakt op illegalen, en zeker niet in een uitgaansgebied. Ik heb nu wel de indruk dat het is gebeurd. Je zou het wel een razzia kunnen noemen omdat de echte motieven, gezien de folder, te maken hadden met illegaliteit, er was een vrij fors aantal agenten die de actie hebben uitgevoerd. Dus je zou wel degelijk kunnen spreken van een razzia, ja. (...) Dat doet de stad geen goed. Ik sta voor een tolerante stad. (…) Als er acties worden uitgevoerd, dan moet je dat doen ongeacht etnische afkomst, zonder aanziens des persoons. (….) Op het moment waarop het in dit stadsdeel de normaalste zaak van de wereld wordt om razzia’s te houden in uitgaansgebieden, (….) - het begint bij uitgaansgebieden, maar het kan uiteindelijk ook eindigen in een kerk, en dat lijkt mij geen goede zaak. Ik wil alles eraan doen om dat te voorkomen.“
Deze omschrijving van de inval als een razzia komt Elvira Sweet op een reprimande van burgemeester Cohen te staan.

Ook bij de Nigeriaanse ambassade in Den Haag vindt daags na de inval een protest plaats: een groepje West-Afrikanen gaat ter plekke verhaal halen, onder hen zijn ook de artiesten Osuofia en Maleke. Ze noemen de inval vernederend voor zwarte migranten. De ambassade kondigt aan een officiële klacht in te dienen bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Een groot scala aan migranten-zelforganisaties en mensenrechtenorganisaties slaat de handen ineen. Zij vinden elkaar in hun afschuw en woede over wat er gebeurd is. De Campagne Stop Politierazzia's wordt opgericht. De campagne publiceert op 29 juli 2007 een Open Brief die door alle deelnemende organisaties ondertekend wordt. “Deze klopjachten op immigranten veroorzaken onrust in de migranten- en vluchtelingengemeenschap, waar men bang is voor willekeurige arrestaties die leiden tot deportaties. Het is opvallend dat de weinige veilige plekken die er nog bestaan voor ongedocumenteerde migranten in Nederland ook het doelwit zijn geworden van politie-invallen, kennelijk willen zij angst verspreiden in de migrantengemeenschap en laten zien dat geen enkele plek meer als veilig kan worden beschouwd: zo deed de politie eerder dit jaar invallen in een kerk in Rotterdam en een solidariteitscafé in Utrecht.”

Anderhalve maand na de razzia wordt door African Roots Movement in Grand Café Het Vervolg zelf een avond georganiseerd voor alle betrokkenen en geïnteresseerden. Familieleden van arrestanten en ooggetuigen geven die avond een heel andere kijk op wat er gebeurd is. Het blijkt dat de woede en verontwaardiging beslist nog niet zijn weggeëbd.

Overigens laat AT5 in de week na de inval bij onderzoeksbureau O+S, de Dienst Onderzoek en Statistiek, een peiling houden over de inval. Daaruit bleek dat 57% van de Amsterdammers vonden dat slechts illegale criminelen aangehouden moeten worden, terwijl 24% op het standpunt stonden dat alle illegale immigranten aangehouden moeten worden.
Gedurende de zomer wordt door de politie de 'Rapportage politiecontrole Zuidoost 15 juni' opgesteld over de inval. Dit komt uiteindelijk ter sprake in de Amsterdamse gemeenteraad op 6 september 2007. Terwijl buiten het stadhuis een luidruchtig protest van de Campagne Stop Politierazzia's plaatsvindt, spreekt een vijftal mensen van diverse zelforganisaties de gemeenteraad toe waarbij om een onafhankelijk onderzoek wordt gevraagd. De gemeenteraad neemt echter zonder al te veel weerstand genoegen met de rapportage van de politie en de vage toelichting van Cohen. Alles is volgens de regels verlopen, de politie heeft zich niet buitensporig gedragen. Kritiek over discriminatie en razzia-achtig optreden wordt genegeerd of ontkend. Sommige partijen sputteren tegen en GroenLinks blijft bezwaar houden tegen acties waarbij 'te veel onschuldige papierlozen' het slachtoffer worden (Het Parool, 7 september 2007). Cohen geeft toe dat er bij de actie een schijn van discriminatie is gewekt, maar kondigt aan dat in de toekomst dergelijke acties zeker weer mogelijk zijn. Een triester eind van de zitting is nauwelijks mogelijk voor de betogers die naar de zitting zijn gekomen.

Rechtspraak

De politie is volgens artikel 50 van de Vreemdelingenwet bevoegd om personen staande te houden ter vaststelling van hun identiteit als er een redelijk vermoeden van illegaal verblijf is. Het vermoeden moet gebaseerd zijn op feiten en omstandigheden en moet redelijk zijn naar objectieve maatstaven. Deze waarborgen zijn bedoeld ter voorkoming van discriminatoir handelen en dus ter voorkoming van het controleren op grond van huidskleur of spraak.

De Amsterdamse rechtbank stelt op 2 juli 2007 dat er aangaande de inval in het Grand Café door de politie ten onrechte een verband is gelegd tussen criminele activiteiten door West-Afrikanen en illegaal verblijf.

Het ministerie van Justitie rechtvaardigt de inval op grond van de Vreemdelingenwet grotendeels naar aanleiding van een tweetal fraudeonderzoeken. Het betreft onderzoeken naar fraude waarbij slachtoffers per e-mail worden benaderd met de mededeling dat zij een prijs hebben gewonnen of een erfenis hebben gekregen, te weten Macro (september 2005 tot en met februari 2006) en Presto (oktober 2006 tot en met april 2007). Het vermoeden van illegaal verblijf, noodzakelijk voor toepassing van art. 50, is voornamelijk gebaseerd op een anonieme brief uit 21 februari 2006 waarin vermeld wordt dat internetfraudeurs in het Grand Café te vinden zijn en op informatie van een informant dat veel illegale criminele Nigerianen die zich bezig houden met verdovende middelen, XTC, fraude en oplichting het café bezoeken.

De rechtbank oordeelt dat de (opsporings)informatie gebruikt als grond voor de politieactie te onbepaald en te oud is. Het is niet hard gemaakt dat de criminele Nigerianen die in het Grand Café komen tevens illegale vreemdelingen zijn. De aanleiding rechtvaardigt de grootscheepse controle op basis van de Vreemdelingenwet onvoldoende. Daarbij is van belang dat het Grand Café een vrij toegankelijke plaats is en dat het feest dat werd gehouden open stond voor iedere belangstellende. De rechtbank stelt dat zowel het publieke karakter van het Grand Café als de omvang van het aldaar te verwachten publiek van invloed is op de eisen van redelijk vermoeden voor een dergelijke grootschalige politieactie. Naarmate deze twee elementen sterker aanwezig zijn, zal immers de inbreuk die op het publieke leven wordt gemaakt groter zijn en dus een steviger rechtvaardiging vergen.

Ter zitting betoogt de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) namens de Staatssecretaris van Justitie dat men niet alle bezoekers in het Grand Café wilde controleren. Volgens de advocaat van de arrestanten, C.E. Stassen-Buijs, heeft de rechtbank die uitlating gebruikt als motivatie voor het oordeel dat klaarblijkelijk voor het Ministerie van Justitie zelf op voorhand onvoldoende aanleiding werd gevonden om alle aanwezigen te controleren en dus klaarblijkelijk geen redelijk vermoeden van illegaal verblijf had ten aanzien van alle aanwezigen.
Het verslag van de zitting meldt: “Dat er, achteraf bezien, een grote groep illegalen is aangetroffen, doet aan het vorenstaande niet af. Immers, de aanleiding voor het onderzoek rechtvaardigde de grootscheepse controle onvoldoende, terwijl verweerder niet beoogde, zo is ter zitting betoogd, om alle 250, veelal Afrikaanse, bezoekers van een Nigeriaans feest te controleren.“

Het politieoptreden was - zo oordeelt de rechtbank - onrechtmatig. De vreemdelingenbewaring van de aangehoudenen dient opgeheven te worden. De waarborgen voor een redelijk vermoeden van illegaal verblijf, bedoeld ter voorkomen van discriminatoir handelen, werden niet gegarandeerd. Er was feitelijk sprake van misbruik van bevoegdheden en oneigenlijk gebruik, of misbruik, van het vreemdelingenrecht in een crimineel onderzoek.

Het standpunt van de Amsterdamse rechtbank wordt echter op 30 juli 2007 in hoger beroep verworpen. De Raad van State, de hoogste algemene bestuursrechter, beoordeelt het gebruik van het vreemdelingenrecht voor het politieoptreden als rechtmatig.

Deze uitspraak van de Raad van State past in een trend. De laatste jaren worden de bevoegdheden van de vreemdelingenpolitie door verschillende uitspraken steeds verder opgerekt. Uit cijfers van de Raad van State blijkt dat het ministerie van Justitie in 2004 en 2005 ruim 80 procent van de rechtszaken won die zij bij de Raad van State tegen vreemdelingen had ingesteld. Vreemdelingen wonnen in 2004 ongeveer 7 procent en in 2005 3 à 4 procent van hun zaken. Sinds enige tijd is er hevige kritiek op de Raad van State. Op 6 januari 2007 zegt een aantal vreemdelingenrechters en wetenschappers in de NRC dat vreemdelingen bij de Raad van State te weinig kans hebben hun zaak te winnen. De Raad van State denkt te veel mee met het bestuur, in dit geval het ministerie van Justitie. „De Raad van State staat wat dichter bij het bestuur dan bij de vreemdeling”, zegt de Haarlemse rechter Jaap Smit. „Het bestuur krijgt van de Raad van State te veel vrijheid”, vindt universitair docent bestuursrecht Ben Olivier. Advocaat Pieter Bogaers heeft eveneens zware kritiek op de Raad van State. De hoogste beroepsrechter laat “geen ruimte meer aan rechtbanken om een onafhankelijk rechterlijk oordeel te vellen over de rechtmatigheid van de besluiten van de minister”. De Raad van State “heeft daarmee de rechtspraak in Nederland gelijkgeschakeld aan het bestuur. Hierdoor is er geen sprake meer van correctie door de rechterlijke macht van het optreden van de minister en de IND. (....) Door deze gelijkschakeling van de rechter aan het bestuur is Nederland in vreemdelingrechtelijk opzicht de kenmerken gaan vertonen van een dictatuur, waaraan geen ontsnapping mogelijk is.”


Politierapportage

De publieke verontwaardiging en de kritiek na de inval waren groot. In diverse media is door slachtoffers gesteld dat er een onderscheid zou zijn gemaakt tussen blanke en niet-blanke bezoekers. Er zijn zowel door de gemeenteraad van Amsterdam als door de Tweede Kamer vragen gesteld over het politieoptreden. De gemeenteraad drong aan op een onderzoek. Naar aanleiding van deze onrust is door de politie de 'Rapportage politiecontrole Zuidoost 15 juni' opgesteld. Het Bureau Integriteit van de Amsterdamse politie heeft in opdracht van de korpsleiding onder andere onderzocht of de opzet van de inval racistisch was. Als aangetoond zou worden dat er sprake was geweest van discriminatie, zou een  strafrechtelijk onderzoek kunnen volgen. Ook Cohen had zich kritisch opgesteld ten aanzien van de inval en het gebruik van de vreemdelingenwet in deze zaak. Het was voor de politie van groot belang om burgemeester Cohen over de streep te trekken om zo het politieoptreden politiek in te dekken.

De politierapportage die op 22 augustus 2007 verschijnt blijkt dan ook geen kritisch of objectief onderzoek. Bureau Integriteit lijkt meer bezorgd te zijn om het blazoen van het politiekorps dan om het belang van de burger. Het is een erg defensief geschreven verhaal waarin vrijwel alle kritiek ontkend wordt en het ‘verband criminaliteit en illegaliteit’ als rode draad door het betoog loopt en juist dit was het verband dat de Amsterdamse rechtbank had verworpen. Het is bovendien ook het verband wat door de overheid consequent wordt gebruikt om haar repressief beleid te verdedigen. De politierapportage: een politiek betoog.

Samenvatting inhoud rapportage

Het doel van de controle in het Grand Café was het tegenhouden van criminele activiteiten van illegale vreemdelingen door hen uit te zetten naar het land van herkomst. Sinds enkele jaren worden opsporingsonderzoeken verricht naar grootschalige (internet)fraude. Uit deze onderzoeken blijkt dat met name netwerken van personen afkomstig uit West-Afrikaanse landen, in het bijzonder Nigeria, van (internet)fraude worden verdacht. Bovendien wordt vermoed dat een deel van hen illegaal in Nederland verblijft. Deze criminele (illegale) personen van voornamelijk Nigeriaanse afkomst zullen hierna worden aangeduid als de (leden van de) netwerken. Uit de verrichte opsporingsonderzoeken blijkt dat Amsterdam Zuidoost een centrale rol vervult bij internetfraude. Vanuit dit stadsdeel versturen de netwerken duizenden spame-mails aan internetgebruikers met misleidende aanbiedingen.

Uit gegevens van de Financial Intelligence Unit Nederland (FIU) blijkt ook dat een top-60 van Nigerianen uit het postcodegebied Amsterdam Zuidoost in 2006/2007 ongeveer 5.500 verdachte en/of ongebruikelijke transacties heeft verricht. Uit de opsporingsonderzoeken komt naar voren dat deze netwerken ook betrokken zijn bij andere vormen van criminaliteit. Het betreft hier met name de import en export van verdovende middelen, betrokkenheid bij geweldsmisdrijven en gedwongen prostitutie en mensenhandel.  Sinds 2006 zijn drie Nigerianen vermoord of geliquideerd in Zuidoost. De handelswijze van de netwerken heeft een negatieve uitstraling op Amsterdam, als centrum van deze criminele praktijken.

De korpschef heeft een zelfstandige bevoegdheid om te controleren op basis van de Vreemdelingenwet.  Burgemeester Cohen komt pas in beeld als de Amsterdamse driehoek (korpschef, burgemeester en hoofdofficier van Justitie) beleid ontwikkelt aangaande de aanpak van criminele illegalen. Daarom was het in dit geval niet nodig om de Burgemeester van tevoren van de controle op de hoogte te stellen.

De politie concludeert dat op basis van de opsporingsinformatie, die inmiddels wordt gestaafd door de resultaten, aangetoond is dat er een verband bestaat tussen criminaliteit en illegaliteit: criminelen maken gebruik van hun illegaliteit waardoor zij voor politie en justitie moeilijk traceerbaar zijn. Tot zover de samenvatting van het rapport.
Discriminatie

Tijdens het onderzoek voor deze rapportage is eveneens gesproken met een witte Nederlandse vrouw die in het Grand Café niet gecontroleerd is, zij is ook één van degenen die een klacht indient bij de Nationale ombudsman. In de rapportage staat: 'Ons is bekend dat in één geval – tegen de instructie in – een Nederlandse vrouw die niet in het bezit was van een geldig identiteitsbewijs niet is gecontroleerd.' De politie kon dus niet om de ervaring van deze klaagster heen. Maar zij getuigde, evenals andere bezoekers, meer mensen te hebben gezien die niet gecontroleerd werden.

Op de rechtszaak betoogde de IND dat men niet alle bezoekers in het Grand Café wilde controleren. Wat was de instructie nu die door de politie gevolgd werd? Iedereen controleren of een deel van de  250 bezoekers controleren? Hoeveel mensen zijn niet gecontroleerd en op basis waarvan is dit gebeurd? Huidskleur, spraak of ander kenmerk? De politierapportage eindigt met: 'Kennelijk is bij sommige aanwezigen de indruk gewekt dat het onderscheid tussen mensen op discriminatoire gronden is gemaakt. Dat was niet het geval en is niet uiteraard ook niet de bedoeling geweest. (….) Nadrukkelijk wordt gesteld dat er weliswaar onderscheid is gemaakt, maar dat dit op basis van de Vreemdelingenwet is gebeurd.'

Strafrecht te moeilijk

Sinds 2002 voert de politie in en rond de grote steden steeds meer grootschalige oppakacties uit, op zoek naar 'illegalen' en mensen zonder verblijfsvergunning. Deze razzia's - BAR- of Spiritacties genoemd - vinden meestal plaats in sectoren waar mogelijk 'illegale' arbeiders werken. Amsterdam claimde dat de acties niet tegen illegalen gericht waren maar tegen criminelen. Amsterdam deed echter geen enkele moeite om de 'criminele' illegalen voor de rechter te brengen; ze werden direct het land uitgezet. In hun persberichten heeft justitie en politie het steeds over 'een groot deel van de groep dat zich schuldig maakt aan criminaliteit', zonder zich nader te verklaren. Betrokken advocaten vinden vaak niets crimineels in de dossiers. Advocate Holwerda, die rechtshulp verleende aan slachtoffers bij enkele razzia's in Amsterdam: "De hele negatieve beeldvorming is met name ontstaan door een persbericht van de Amsterdamse politie dat het om criminelen zou gaan, terwijl daar niets van blijkt uit de dossiers."

Een belangrijk kritiekpunt op de inval in het Grand Café was het gebruik van de Vreemdelingenwet in een strafrechtelijk onderzoek. In de rapportage wordt deze 'methode' uitgebreid verdedigd. 'Bij het uitvoeren van hun criminele activiteiten maken zij gebruik van verschillende aliassen, gsm's en internetverbindingen. Zij vervullen veelal wisselende rollen en gebruiken voortdurend andere identiteiten. Daardoor zijn zij vaak moeilijk aan concrete strafbare feiten te linken. Lastig de werkelijke identiteit en verblijfplaats van de leden te achterhalen. Kortom, het feit dat deze groep ten behoeve van criminele activiteiten gebruik maakt van hun illegaliteit, maakt ze strafrechtelijk vaak ongrijpbaar voor politie en justitie.'

'Criminelen maken gebruik van illegaliteit': dit is een veel herhaalde zin in de rapportage. Gedachte is dat allochtone criminelen illegaliteit verkiezen boven legaliteit omdat dat waarborgen zou bieden voor hun handelen. Elke crimineel met of zonder papieren opereert echter zoveel mogelijk ondergronds, verbergt zijn of haar identiteit en gebruikt aliassen. Dat hij/zij tevens een legale status heeft levert echter slechts voordelen op omdat hij/zij moeilijker in plaats van makkelijker (zoals de politie stelt) aan te pakken is. Slechts het strafrecht kan hier namelijk worden toegepast en niet het makkelijke vreemdelingenrecht.

In de gemeenteraad verklaarde politiecommissaris Schönfeld dat de strafrechtelijke onderzoeken naar de fraudeurs zeer arbeidsintensief en erg duur zijn. Op migranten wordt dus het goedkope Vreemdelingenrecht toegepast bij ingewikkelde strafrechtzaken.

Voor het gebruik van het Vreemdelingenrecht zijn echter restricties waar Justitie en politie zich aan moeten houden. De rapportage stelt: 'Criminelen die bij hun activiteiten gebruik maken van hun illegaliteit, zijn hierdoor lastig traceerbaar. Het strafrecht biedt ten aanzien van criminele illegalen dan ook niet altijd het meest effectieve instrumentarium. Voor de aanpak is artikel 50 Vreemdelingenwet een extra instrument om criminaliteit tegen te gaan. Volgens dit artikel zijn politieambtenaren “die belast zijn met het toezicht op vreemdelingen bevoegd, hetzij op grond van feiten en omstandigheden die, naar objectieve maatstaven gemeten, een redelijk vermoeden van illegaal verblijf opleveren, hetzij ter bestrijding van illegaal verblijf na grensoverschrijding, personen staande te houden ter vaststelling van hun identiteit, nationaliteit en verblijfsrechtelijke positie'.

Artikel 50 van de Vreemdelingenwet regelt inderdaad bevoegdheden maar er wordt met geen woord gerept over gebruik van de wet als instrument tegen criminaliteit zoals de politierapportage stelt. Het is een instrument in het kader van vreemdelingentoezicht om illegaal verblijf tegen te gaan. Dat is ook wat de Amsterdamse rechtbank heeft getoetst. Artikel 50 Vw is geen (extra) instrument om criminaliteit tegen te gaan. Als de wet wel zo gebruikt wordt, is er sprake van misbruik van bevoegdheden.

Het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatie Centrum (WODC) van het Ministerie van Justitie publiceert in 2004 het rapport 'Operationeel toezicht vreemdelingen; evaluatie van de bevoegdheden in de Vreemdelingenwet 2000 voor het vreemdelingentoezicht door de politie'. Het beschrijft de bevoegdheden van artikel 50 van de Vreemdelingenwet 2000 en haar voorganger artikel 19 van de oude Vreemdelingenwet. In de periode vóór de nieuwe Vreemdelingenwet 2000  'kon het voorkomen dat het wetsartikel werd gebruikt om een vreemdeling staande te houden en mee te nemen naar het bureau als deze overlast veroorzaakte of als er niet voldoende verdenking was om iemand staande te houden wegens een strafbaar feit. Door de wetswijziging was dit ‘oneigenlijk’ gebruik van de vreemdelingenwetgeving niet meer mogelijk.' De wijziging van het artikel over de bevoegdheden aangaande staandehouding van vreemdelingen is lange tijd onderwerp van debat geweest. Maatschappelijke organisaties aan de ene kant vreesden dat het gewijzigde artikel 50 Vw  zou kunnen leiden tot het op grote(re) schaal staande houden van vreemdelingen, de politie aan de andere kant was juist bang dat de wijziging van het artikel beperkend zou werken bij de uitoefening van het vreemdelingentoezicht. Artikel 50 Vw is ook volgens het WODC geen instrument tegen criminaliteit en de bevoegdheden van de politie werden bij de inval in Het Vervolg overschreden.

Anton van Kalmthout, professor straf- en vreemdelingenrecht aan de Universiteit van Tilburg, noemt het gebruik van de vreemdelingenwet in strafrechtelijke onderzoeken zorgelijk. Het gevaar van misbruik van bevoegdheid ligt op de loer, zo stelt hij. Steeds vaker wordt er in geval van onvoldoende strafrechtelijk bewijs, en dus ook ontoereikende bevoegdheden van de politie, het vreemdelingenrecht ingezet om de zaak op te lossen. Dit ondermijnt de pijlers van onze rechtsstaat. Het onderscheid tussen straf- en vreemdelingenrecht is troebel geworden. Wie het voor het zeggen heeft, is allang niet meer duidelijk. Voor de Vreemdelingenwet is de staatssecretaris van Justitie verantwoordelijk, voor strafrecht is dat de minister van Justitie, aldus Van Kalmthout.

Ook advocaat Marijke Hersman, die enkele West-Afrikanen die aangehouden waren in het Grand Café bijstaat, ziet deze ontwikkeling. Als vreemdelingen worden opgepakt vanwege een strafrechtelijke verdenking en vervolgens in vreemdelingenbewaring terechtkomen, dan mag de vreemdelingenrechter de strafrechtelijke verdenking niet toetsen. Een goed systeem van 'checks and balances' ontbreekt. De strafrechtelijke verdenking komt veelal pas maanden later, of helemaal nooit, bij een strafrechter. Ondertussen is de migrant uitgezet of verblijft voor onbepaalde tijd in detentie.

Verband tussen criminaliteit en illegaliteit niet aangetoond

De rode draad in de politierapportage is 'het verband tussen criminaliteit en illegaliteit': het feit dat criminelen gebruik maken van hun illegaliteit. Deze zinsnede komt veelvuldig voor en is een deel van de conclusie. De grond voor deze conclusie blijkt echter bijzonder mager.

De rapportage meldt naar aanleiding van het internetfraudeonderzoek: 'Bovendien wordt vermoed dat een deel van hen illegaal in Nederland verblijft'. Even later staat er dat 'deze groep ten behoeve van criminele activiteiten gebruik maakt van hun illegaliteit' vanwege het feit dat men gebruik maakt van verschillende aliassen, gsm's en internetverbindingen. Na een opsomming van diverse criminele activiteiten waarbij de rol van illegaliteit niet wordt vermeld, wordt vervolgens de conclusie 'gerechtvaardigd' genoemd dat de betrokkenheid van deze netwerken bij criminaliteit en illegaliteit een ernstig probleem is.

Bij de beschrijving van de inval wordt nogmaals benadrukt dat het gaat om 'leden van de netwerken (die hun illegaliteit gebruiken voor criminele activiteiten)' zonder verdere aanwijzingen. Tenslotte wordt in de conclusie van de rapportage gesteld dat 'de politie op basis van de beschikbare (opsporings)informatie, die inmiddels wordt gestaafd door de resultaten, heeft aangetoond dat er een verband is tussen criminaliteit en illegaliteit: 'criminelen maken gebruik van hun illegaliteit, waardoor zij voor politie/justitie moeilijk traceerbaar zijn'.

Het verband tussen criminaliteit en illegaliteit blijkt dus niet uit de opsporingsinformatie – hoe graag de politie dit anders ook wil – wat leidt tot de onrechtmatigheid van de actie (zoals vastgesteld door de Amsterdamse rechtbank). Wat blijkt er vervolgens uit de resultaten na de inval waar de politie als extra rechtvaardiging naar refereert?

Van de 103 mensen die zijn aangehouden in Het Vervolg zijn tien personen volgens het wetboek van Strafrecht aangehouden wegens bezit van valse documenten. Bij vier van hen was er sprake van recidive.  Eén persoon stond gesignaleerd voor de uitlevering aan Duitsland. Eén arrestant had nog 89 dagen hechtenis openstaan in verband met diefstal. Tenslotte wordt vermeld: 'Verder is gebleken dat 37 van de opgehouden 103 personen gelinkt kunnen worden aan bijna 600 zogenaamde Meldingen Ongebruikelijke Transacties (in ieder geval zijn 58 transacties hiervan aan te merken als verdacht). Naar deze personen vindt vervolgonderzoek plaats.' De meldingen hebben betrekking op het overboeken van geld via geldwisselkantoren. Om deze informatie op haar waarde te kunnen beoordelen is het belangrijk om te weten dat het overboeken van geld naar Nigeria of door Nigerianen standaard valt onder de definitie van ongebruikelijke transacties, zoals te lezen is in het Parool van 5 september 2007. Hoeveel van de 37 personen gelinkt worden aan de 58 verdachte transacties wordt niet vermeld.

Antwoorden op vragen van All Included aan politie, OM en Justitie


All Included heeft op 14-12-2007, 17-12-2007, 18-12-2007 en 21-12-2007 twaalf vragen gesteld -  over aantallen (aanhoudingen, vervolgingen, verwijderingen, ….) en over aantijgingen over betrokkenheid bij zware criminaliteit - aan de politie Amsterdam-Amstelland, het Ministerie van Justitie en het Openbaar Ministerie Arrondissement Amsterdam.

Het Ministerie van Justitie stelt op 22 februari 2007 dat er niemand vervolgd wordt (en dus niemand berecht) van de 10 verdachten van strafbare feiten, dat van de 250 aanwezigen en van de 103 aanhoudingen er 77 in vreemdelingenbewaring zijn gesteld en dat er van de 77 gedetineerden er 33 weer op vrije voeten zijn gesteld (‘heengezonden’), er 35 zijn uitgezet naar Nigeria en 9 op dat moment nog in bewaring zijn. Resultaat van de grootschalige politie-inval is dat van de grote groep van 103 aangehoudenen er 35 uitgezet zijn voor het ontbreken van een verblijfstitel en dat niemand strafrechtelijk vervolgd wordt.

Op verschillende momenten zijn door politie aantijgingen gedaan over zware criminaliteit in zuidoost: 37 aangehoudenen gelinkt aan de 600 Meldingen Ongebruikelijke Transacties. Op een bijeenkomst op het stadsdeelkantoor zuidoost op 29 november 2007 had burgemeester Cohen het over 30 aangehoudenen van het Grand Café die nog steeds verdacht waren van betrokkenheid bij 'het netwerk'. Ook in gemeenteraad en de media zijn deze aantijgingen herhaald. Vragen over vervolgingen in deze wordt op 1 juli 2008 door het Openbaar Ministerie gepareerd met het standpunt dat het OM geen rol speelt in het onderzoek aangaande inval en dat de politie de aangewezen instantie is. De politie verwijst naar burgemeester Cohen.

Wat de betekenis is van de ‘betrokkenheid bij het ‘crimineel West-Afrikaans netwerk’ van 30 aangehoudenen wordt ook niet beantwoord. Hoeveel van de genoemde 37 aangehoudenen gelinkt aan de 600 Meldingen Ongebruikelijke Transacties persoonlijk verdacht worden van een concreet strafbaar feit wordt evenmin beantwoord. De uitspraken van Cohen en politie golden als verantwoording achteraf voor de grootscheepse inval. Een 'groot deel' van de groep was immers criminelen. De aantijgingen worden door politie en OM niet hardgemaakt.

Wat het vervolgonderzoek heeft opgeleverd is tot op heden niet bekend. Het heeft in ieder geval niet tot gevolg gehad dat de vreemdelingen door het Openbaar Ministerie worden vervolgd. Volgens de rapportage is na de inval niemand gedagvaard voor internetfraude of andere criminele feiten. Van de 250 mensen worden drie mensen verdacht van internetfraude. Maar ook zij worden niet berecht maar zijn uitgezet, bevinden zich nog in vreemdelingendetentie in afwachting van uitzetting of zijn intussen op vrije voeten gesteld wegens gebrek aan uitzicht op uitzetting.

Gesteld kan worden dat er geen sprake is van 'opsporingsinformatie die inmiddels wordt gestaafd door de resultaten'. Hiermee wordt geen verband tussen criminaliteit en illegaliteit aangetoond zoals de 'Rapportage politiecontrole Zuidoost 15 juni' concludeert.

Het verband tussen criminaliteit en illegaliteit is politiek van groot belang omdat het de speelruimte van de politie en justitie vergroot. Het gaat hier om het uitrekken van de bevoegdheden van de politie ten opzichte van migranten. Op deze manier wordt de Vreemdelingenwet structureel gebruikt als basis voor steeds repressiever beleid.

Amsterdam heeft met de inval in café Het Vervolg in Zuidoost de schijn gewekt een illegalenjacht te houden. Dat zegt hoogleraar Anton van Kalmthout woensdag in een vraaggesprek met AT5 (http://www.at5.nl/nieuwsartikel.asp?newsid=29234 en http://web.at5.nl/achtergrond/2007/09/05/illegalenjacht/) Van Kalmthout is specialist in vreemdelingenrecht en vrijheidsbeneming. "Wat je eigenlijk met zo'n inval doet, dat is dat je vist in een hele grote vijver, waar honderden illegalen in zitten en als bijvangst die criminele jongens. Het resultaat is dat er honderden mensen, illegalen, worden opgepakt. Dat kan de indruk wekken dat je toch op illegalenjacht bent."  Volgens hoogleraar Van Kalmthout moet duidelijk worden wat de lijn is die de politie volgt. In het politierapport blijft men hangen op twee gedachtes. Als men iedere keer onder het mom van criminaliteit gaat controleren op illegaal verblijf, heb je toch een jacht, zo zegt de jurist. Er is sprake van oneigenlijk gebruik of misbruik van het vreemdelingenrecht, zeker gezien de prestatieafspraken gemaakt over de aanhouding van 12.000 migranten ter controle van de identiteit. Er zijn veel nieuwe cellen gebouwd voor vreemdelingedetentie de afgelopen jaren die nu gevuld moeten worden, aldus Van Kalmthout.

Klachtpunten

Concluderend uit het voorgaande en uit de vier individuele klachten die bij de Nationale Ombudsman ingediend zijn, presenteren wij hier de volgende klachtpunten aangaande de politie-inval van 16 juni 2007 in het Grand Café Het vervolg in Amsterdam Zuidoost:

1. De inval zelf

> het gebruik van de vreemdelingenwet in een strafrechtelijk onderzoek
Voor deze politieactie werd een middel gebruikt, de Vreemdelingenwet. Deze wet heeft echter een ander doel dan waar het bij deze actie voor gebruikt werd. Hierdoor wordt een juridische uitleg gegeven die niet overeenkomt met de werkelijkheid.

> het criminaliseren van migranten door de actie
De actie was in haar aanpak discriminerend tegenover migranten. Mensen zonder papieren worden in een crimineel hoek geplaatst en krijgen geen gelegenheid zich te verdedigen. Bovendien geven de politieberichtgeving en de politierapportage een beeld van migranten als criminelen. Het mag geen wonder heten dat de aanwezigen op het feest en de migranten gemeenschap in brede zin zich gediscrimineerd en vernederd voelen.

> het onduidelijke doel van de actie
Het was de aanwezigen in het Grand Café niet duidelijk wat de gronden waren voor de inval (zoals eveneens blijkt uit klacht van klager A.). Ging het om het zoeken naar criminelen of het zoeken naar mensen zonder verblijfstitel? Ook in de nasleep in media, gemeenteraad en politierapportage blijft het doel van de actie uiterst onduidelijk. Goede controle op gebruik van bevoegdheden is hierdoor onmogelijk.

> Het niet op de hoogte brengen van de burgemeester en de staatssecretaris
Burgemeester Cohen was van tevoren niet op de hoogte van de actie, de staatssecretaris van Justitie evenmin. Het is de vraag is of een politie-inval van dergelijke omvang en met een voorspelbaar groot maatschappelijke onrust zonder kennisgeving aan burgemeester of staatsecretaris geoorloofd is.

2. De uitvoering van de inval

> racistische identiteitscontroles
Klager A. en N.J. stellen dat mensen met een schijnbaar Nederlandse achtergrond niet op identiteit werden gecontroleerd. Van twee van de drie aanwezige witte mensen is met zekerheid te zeggen dat zij mochten doorlopen bij de identiteitscontroles zonder dat ze hun ID bij zich hadden of hoefden te laten zien. Van de derde is dit niet bekend.

> inbreuk op persoonlijke levenssfeer
De inval was groot van opzet, duurde van 01 tot 08u en trof een grote groep mensen. Bezoekers van het Grand Café werden erg lang in grote onzekerheid opgehouden. Al deze tijd verkeerden zij in penibele omstandigheden: zij mochten niet eten of drinken, geen gebruik maken van het toilet, werden samengeperst in een te kleine ruimte en het was er erg benauwd. Er is een onevenredig inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de bezoekers gemaakt.

>behandeling als criminelen van de aanwezigen
Van de aanwezigen werd een aanzienlijk deel opgepakt omdat zij geen geldige verblijfsdocumenten konden overleggen. Degenen die werden aangehouden, werden ten overstaan van anderen met een nummer op een plakkaat gefotografeerd 'alsof zij criminelen waren'. Ook mensen die hun verblijfspapieren op deze feestavond thuis hadden gelaten, viel deze behandeling ten deel. Artiest Maleke had zijn paspoort met Schengenvisum bij zich, maar moest ter plekke op de foto. Later werden ook zijn vingerafdrukken genomen.
> onnodig boeien van arrestanten
Klager N.O. getuigt dat meerdere mensen geboeid werden zonder duidelijke reden, zonder dat zij verzet pleegden of dat er vluchtgevaar was.

> lang verblijf in cellenbus
De arrestanten werden erg lang in een zeer krappe cel in een cellenbus geplaatst in afwachting van transport. Sommigen, zoals Maleke, verbleven vier à vijf uur in een dergelijke cel. Is dit proportioneel? Het is onduidelijk of mensen ook geboeid in de cellenbus geplaatst werden.

> onnodig intimiderend gedrag, zowel binnen als buiten het Grand Café
Zowel binnen als buiten werden mensen onnodig agressief en provocerend behandeld. Buiten werd bijvoorbeeld met paarden door groepjes pratende mensen heen gereden, aldus klager A. Er werden veel honden gebruikt, die onder andere opgefokt vanaf buiten tegen de ramen van het Grand Café opsprongen. Een hond werd zo opgefokt dat hij een ambulancebroeder beet.

> afwezigheid van huiszoekingsbevel
Er is noch toestemming gevraagd voor een huiszoeking aan de aanwezige manager van Het Vervolg, noch is er een huiszoekingsbevel getoond. Aangezien het hele complex met honden is doorzocht nadat alle bezoekers gecontroleerd waren, was een huiszoekingsbevel zeker vereist.

3. Het plaatsen in vreemdelingenbewaring van diverse personen

> het oppakken en vasthouden van meerdere kandidaten voor het Generaal Pardon
Klager B.W. – eveneens Generaal Pardonkandidaat - zat 11 dagen onterecht vast. Een ander rechthebbende op het Generaal Pardon is bij de inval opgepakt en zat zes dagen vast in uitzetcentrum Schiphol. Kennelijk was er zoveel tijd nodig om achter het simpele feit te komen dat iemand in afwachting was van een verblijfsvergunning en derhalve niet vastgehouden mocht worden. 

> het vasthouden van mensen met verblijfsvergunning
Er zijn mensen opgepakt met een geldige verblijfsvergunning uit oa Duitsland. Deze mensen zijn lang vastgehouden. Een man met een Duitse verblijfsvergunning zat 14 dagen lang vastzat.

> De arrestatie en manier van vrijlating van één van optredende artiesten
Maleke werd opgepakt terwijl hij wel geldige papieren bij zich droeg. Een dag later werd hij zonder enige hulp of informatie over waar hij was op straat gezet bij Schiphol Oost. Hij werd noch teruggebracht naar de plek waar hij werd aangehouden noch naar een station gebracht vanwaar hij verder zou kunnen reizen.

> Maleke kreeg bij zijn ontslag uit het Uitzetcentrum Schiphol Oost het schriftelijk bevel uiterlijk op 27 juni 2007 Nederland te verlaten terwijl hij een 30-dagen visum had voor het Schengengebied, welke was afgegeven op 13 juni 2007. Het werd hem niet duidelijk gemaakt, en het is nog steeds onduidelijk, waarom hij het land diende te verlaten voor die datum en of dit bevel rechtmatig was.

4. De uitvoering van de uitzettingen

> uitvoering groepsuitzetting
Een aantal mensen zonder papieren van de groepsuitzetting naar Nigeria werden in hun pyjama/ nachtkledij Nederland uitgezet. Zij werden midden in de nacht uit hun bed gehaald en kregen niet de tijd om zich aan te kleden.

> Twee getuigen van de groepsuitzetting naar Nigeria hebben onafhankelijk van elkaar gemeld dat er één persoon die werd uitgezet gedrogeerd zou zijn geweest.

Wij vragen de Nationale Ombudsman deze klachtpunten te onderzoeken.


Tenslotte

Als All Included en als deelnemers aan de Campagne Stop Politierazzia’s willen wij een krachtig protest laten horen tegen de politie-inval van 16 juni 2007 in het Grand Café in Amsterdam Zuidoost. Op basis van de beschikbare informatie kunnen wij stellen dat de twijfels aangaande de juridische gronden om een grootschalige politieactie als op 16 juni 2007 te rechtvaardigen dusdanig zijn dat deze niet had mogen plaatsvinden. Er zijn - zoals de Amsterdamse rechtbank ook oordeelde - bij het toepassen van het vreemdelingenrecht diverse bevoegdheden overschreden, wat de actie onrechtmatig maakt.

In het strafrechtelijk onderzoek naar internetfraude bleek het te ingewikkeld om middels het wetboek van strafrecht mensen aan te pakken. Steeds vaker blijkt in dergelijke situaties en wanneer de verdachten migranten zijn, het vreemdelingenrecht te worden toegepast. Op deze manier verliezen migranten hier in Nederland steeds meer hun rechten en worden zij als tweederangsburgers behandeld.

Het doel van de actie was erg vaag: ging het toch om het aanhouden van criminelen of om het aanhouden van een grote groep mensen zonder papieren? De politie wordt immers beloond voor het halen van een minimumaantal aanhoudingen van 40.000 ter vaststelling van de identiteit en de inbewaringstelling van 12.000 mensen zonder papieren. Was er toch sprake van een illegalenjacht?

Achteraf is op geen enkele wijze gebleken of de inval succesvol is geweest in het aanpakken van criminaliteit. Er is beweerd in media en door burgemeester Cohen dat de aangehoudenen criminelen waren betrokken bij 'het netwerk', bij Ongebruikelijke Transacties. Vragen aan de politie Amsterdam Amstelland en het Openbaar Ministerie hebben deze bewering niet hard kunnen maken. Er is van de aangehoudenen niemand strafrechtelijk vervolgd waardoor de rechtbank dit niet heeft kunnen toetsen. En zo worden mensen of groepen mensen gecriminaliseerd. Vooralsnog gaan wij ervan uit dat beweringen dat er een slag is geslagen in het crimineel netwerk past in het politiek dekken van een politieoptreden dat niet had mogen plaatsvinden. Wij stellen dat er wel sprake is geweest van illegalenjacht. Wij willen hierbij tevens benadrukken dat de inbreuk op het publieke leven zoals de diverse getuigen stellen buitenproportie was.

De rapportage 'politiecontrole Zuidoost 15 juni' van de Amsterdamse Korpsleiding, uitgevoerd door bureau Integriteit, is een farce gebleken. Het hele rapport is overduidelijk geschreven richting de conclusie dat er een duidelijk verband is tussen criminaliteit en illegaliteit. Dit is blijkbaar het eigenlijke doel van het rapport in tegenstelling tot wat officieel beweerd wordt, namelijk het onderzoeken of de politie naar de burger toe integer is geweest. Wij willen hierbij wijzen op het feit dat het bureau Integriteit, die gesprekken voerde met getuigen en klagers om te onderzoeken of de politie discrimineert, klager N.J. (zoals in klacht geformuleerd) probeerde te overtuigen dat de politie niet discrimineert. Het betreft een defensief geschreven rapport waarbij het politieoptreden gerechtvaardigd en discriminatie ontkend wordt. Ook in de media heeft politie en burgemeester hiertoe geen gelegenheid voorbij laten gaan om de actie te legitimeren. Het hiertoe benodigde verband ‘criminaliteit en illegaliteit’ criminaliseert de betrokken West-Afrikanen door een zweem van verdenkingen.

Wij willen tevens onze grote bezorgdheid uitspreken over het ontbreken van waakzaamheid en controle van de kant van het bestuur. De eerste kritische reacties werden geheel gesmoord – met Groen Links als uitzondering - in een politierapport en een uitspraak van een (weinig democratisch) Raad van State. De gemeentepolitiek slikt alle kritiek in. De Amsterdamse PvdA-gemeenteraadslid Manon van der Garde zegt het in NRC van 4 augustus 2007 zo: “Het was onduidelijk wat de politie nu precies wilde. Maar de Raad van State heeft besloten dat de politie rechtmatig heeft gehandeld, dus dat vinden wij ook.” De politieke cultuur getuigt eerder van volgzaamheid dan onafhankelijkheid en daadkracht. Gevolg is dat de bevoegdheden van de vreemdelingenpolitie steeds verder opgerekt raken en de visie op migratie nog meer door angst en wantrouwen wordt gevoed. De West-Afrikaanse gemeenschap is terecht woest over zulk onrecht en vernedering.

Wij eisen een eind aan het opjaagbeleid van de politie op mensen zonder papieren, een eind aan de prestatiecontracten omdat deze racistisch politieoptreden in de hand werken en een eind aan de verstrengeling van onderzoeken naar criminelen en migranten zonder papieren en stellen duidelijk dat migranten zonder papieren geen criminelen zijn.

All Included
10 september 2008